Stel: je bent een artiest, schrijver, cineast, dichter en de meeste kennen je bij je pseudoniem-naam.. Of stel dat je een persoon bent die niet graag zijn of haar echte naam op het Internet verspreidt, om welke reden dan ook. Stel nu ook dat je toch graag een online aanwezigheid hebt op social media platforms als Facebook, Twitter, of Google+. Bij de eerste twee platforms is het geen probleem; sterker nog: er wordt alom gebruik van gemaakt.

Op Google+ was dit tot nu toe echter nog niet het geval: Google probeert er uit alle macht voor te zorgen dat de gebruikers van Google+, echte, geverifieerde identiteiten zijn. Op deze manier wil het er bijvoorbeeld voor zorgen dat het platform niet, net als Twitter, overspoeld wordt met (toegegeven soms humoristische) nep-accounts.

Deels wegens kritiek vanuit de hoek van bijvoorbeeld Electronic Frontier Foundation, die claimt dat pseudoniemen bijvoorbeeld essentieel zijn voor mensen die, uit angst voor retributie, niet onder hun eigen naam online content kunnen plaatsen over controversiële onderwerpen,

Goed nieuws dus voor Tiësto, Gordon en Kluun zou je zeggen. Er zitten echter wel wat haken aan ogen aan het vernieuwde beleid. Zo eist Google dat gebruikers kunnen bewijzen dat het pseudoniem gelinkt kan worden aan een echte identiteit, door bijvoorbeeld een gebruiker zijn of haar rijbewijs op te laten sturen of bewijs te leveren dat zij of haar een website beheert waarnaar het pseudoniem verwijst.

In haar pogingen Google+ onder controle te houden werpt Google dus de nodige barrières op. Of dit wel zo’n slim idee is zal de toekomst uitwijzen. Voor nu kan men zich dus beter niet registreren op Google+ of zich registreren onder zijn of haar echte naam. Het lijkt immers een kwestie van tijd dat Google zich genoodzaakt ziet haar beleid te versoepelen.

(Bron: ars technica)